Even offline gaan: Hype of houvast in een overprikkelde wereld?

In een café midden in het Utrechtse Griftpark schuiven zo’n dertig mensen aan voor een bijzonder avondje uit. Geen schermen, geen meldingen en geen digitale afleiding. Ruim een derde van de Nederlanders noemt zichzelf smartphoneverslaafd, maar vanavond gaan we even terug in de tijd.

Met een offline driegangen-diner achter de rug, gaat de Hazda Offline Hangout-avond van start. Organisatoren Daan Brinkman en Meike Ambaum delen enveloppen uit, die de apparaten achter het lijmrandje doen verdwijnen. Jazzmuziek klinkt op de achtergrond en het café verandert even in een offline vrijhaven.

De sfeer is ontspannen maar ook een beetje onwennig. Verslaggevers van de avond grijpen terug naar een notitieboekje en hooguit een audio-recorder. De smartphone die deze functies al jarenlang vervangt, moet weer plaatsmaken voor haar voorgangers.

De avond is van analoge activiteiten goed voorzien. In de ene hoek worden tientallen potjes ‘hints’ gespeeld. Deelnemers staan op en gokken wat de ander uitbeeldt: ‘Pino!’ en ‘Mario!’, klinkt er. Mensen aan andere tafels maken woordzoekers, lezen een krantje en jongeren maken kennis met een typemachine. Maar meer dan dat, gaan mensen onderling het gesprek aan.  

Juist dat contact is voor velen de reden om hier te zijn. “Normaal op zo’n avond duik je toch snel achter je scherm als het even awkward is, waardoor je eigenlijk nog minder benaderbaar bent”, vertelt deelneemster Katie. Ze is twee weken geleden vanuit Londen verhuisd naar Utrecht en is hier om mensen te leren kennen. Ze herkent wel tekenen van een telefoonverslaving: ‘Tijdens het scrollen gaat er soms ineens een uur voorbij zonder dat je het doorhebt.’

Deelnemer Ahmed is hier ook om zijn sociale cirkel te vergroten. Hij woont nu zes jaar in Nederland en sinds kort in Utrecht. Hij leest een zelf-meegebrachte krant. Een telefoonverslaving herkent hij niet: “In Libië, waar ik ben opgegroeid, zijn mensen veel minder met hun telefoon bezig dan in Nederland. Ik kan nog heel goed zonder.” 

YouTube en online fora staan er vol mee: mensen die zichzelf uitdagen zonder hun broekzakcomputer door het leven te gaan. Een leven zoals iedereen dat 15 jaar geleden nog had, trekt tegenwoordig miljoenen kijkers. In reguliere media trekt het ook aandacht: HUMAN publiceerde recent de documentaire ‘de Smartphoneloze Mens‘, elders verschenen interviews met ‘offluencers’ die motiveren om minder te scrollen.

Ook het boek ‘The Anxious Generation’ van sociaal psycholoog Jonathan Haidt bracht, vooral in de V.S. de discussie verder op gang. Volgens Haidt vormen smartphones en sociale media een structurele bedreiging voor de mentale gezondheid van onze jongeren.

De opmars van smartphones is inmiddels twintig jaar oud, en de gevolgen ervan worden steeds zichtbaarder. In 2020 keken Nederlandse jongeren gemiddeld per dag 4,3 uur op hun telefoon. In 2024 is dat opgelopen tot 5,4 uur, volgens cijfers van marketing- en reclamebureaus Mediahuis, Wayne Parker Kent en MediaTest. Niet alleen het gebruik stijgt, maar ook de onvrede erover. Veel mensen geven aan dat ze zich na het scrollen lusteloos voelen, alsof hun tijd is ‘weggeglipt’. De constante stroom van prikkels maakt het bovendien moeilijker om diep te concentreren. Wat ooit een handig hulpmiddel was, voelt voor velen nu als een bron van onrust.

Tegelijkertijd groeit de behoefte aan onthaasting. Uit internationaal onderzoek van EY in 2023 blijkt dat 43% van de mensen in West-Europa en Noord-Amerika actief probeert schermloze momenten in te bouwen. Maar makkelijk is dat niet, smartphones zijn namelijk ontworpen om je aandacht vast te houden.

Neuropsycholoog Erik Matser legt op zijn blog uit waarom dat zo goed werkt: “Elke notificatie geeft je een kleine beloning via het dopaminesysteem in je brein – net als bij gokken. Je hersenen leren dat je telkens iets ‘leuks’ kunt verwachten, en daardoor blijf je terugkomen.” Het constante ‘even checken’ verandert zo ongemerkt in uren scrollen, waarbij focus en rust steeds verder uit beeld verdwijnen. Volgens hem is het effect vergelijkbaar met andere vormen van verslaving. “Alleen is deze sociaal geaccepteerd.”

Die verslavende eigenschappen van technologie zijn inmiddels ook politiek onderwerp geworden. Europarlementariër Kim van Sparrentak diende vorig jaar een rapport in over de manier waarop techbedrijven onze aandacht manipuleren. De Europese Commissie gaf toe dat er maatregelen nodig zijn om burgers beter te beschermen tegen deze verleidingsmechanismen.

“Zo pakken we controle terug over onze eigen tijd en aandacht in plaats van dat je je continu moet wapenen tegen de permanente gokkast in je broekzak. Niemand is opgewassen tegen de manipulatieve trucs van de grote techbedrijven, daarom grijpen we nu in”, aldus van Sparrentak.  

De problematiek is urgent. In Groot-Brittannië bleek uit recent onderzoek van medisch tijdschrift BMJ dat jongeren met problematisch smartphonegebruik twee keer zoveel kans hebben op angststoornissen dan jongeren die hun scherm op een gezondere manier gebruiken.

Voor sommige mensen blijft een offline-avond bij een eenmalige ervaring, maar anderen proberen structureel hun schermgebruik te verminderen. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat regelmatige digitale detoxmomenten duidelijke voordelen opleveren: mensen slapen beter, voelen zich minder gestrest en melden een hogere concentratie en productiviteit. Volgens de American Psychological Association kan zelfs één dag per week offline doorbrengen al bijdragen aan een betere mentale balans.

En hoewel sociale media ons in staat stellen om voortdurend met anderen in contact te blijven, kan overmatig gebruik paradoxaal genoeg leiden tot gevoelens van sociale isolatie. Dit komt doordat het online contact vaak oppervlakkig is en echte, diepgaande interacties vervangt.

Op Nederlandse basis- en middelbare scholen is de smartphone al verboden. Dat is op sociaal vlak erg goed voor de kinderen. Vincent Fafieanie van het Nederlands Jeugdinstituut licht toe: ‘Uit allerlei onderzoek blijkt dat de contacten tussen leerlingen weer terugkomen, nu ze niet meer steeds over hun telefoon gebogen zitten. Er is veel meer gesprek en sociaal contact.’

Zelf loopt Brinkman ondertussen ook rond met een Nokia. Op de vraag ‘Waarom offline?’ weet hij niet waar te beginnen. “De eerste reactie die ik krijg als ik mijn oude Nokia tevoorschijn haal is altijd: ‘Ik wou dat ik dat ook kon’.”

De realisatie die hem zijn levensstijl deed veranderen, had hij een paar jaar geleden tijdens de pandemie. “Ik rekende uit dat als je vijfeneenhalf uur per dag achter dat scherm zit, je bijna een derde van je wakkere leven daarmee bezig bent. Dat kan je toch zoveel beter aan iets anders besteden?”  De offline-hangouts die Brinkman mede-organiseert, zijn er “om je te herinneren aan hoeveel andere leuke dingen je kunt doen in je vrije tijd. Je hebt die digitale wereld helemaal niet nodig, iedereen kan dit.”

Betekent deze trend het einde van het smartphonetijdperk? Of is het slechts een tijdelijke reactie op de toenemende digitale druk? De cijfers bieden nog geen definitief antwoord. Grote platforms als Instagram, TikTok en WhatsApp groeien nog steeds in gebruikersaantallen. Tegelijkertijd klinkt de roep om regulering, bewustwording en digitale balans steeds luider.

Brinkman: “Niet iedereen hoeft gelijk terug naar de Nokia en een avondje gaat daar ook niet voor zorgen, maar deze avond geldt toch als herinnering dat je het makkelijk zonder kan.” Aan het einde van de avond druppelen de eerste bezoekers weer naar buiten. Niet iedereen haast zich om hun berichten te checken, de envelop blijft nog gesloten tot thuiskomst.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *