Een beroep doen op menselijkheid: 20 en alleen een Nokia
We gebruiken het voor alles: betalen, navigeren, identificeren en simpelweg bellen: de smartphone. Toch blijkt dat eenvijfde van de jongvolwassenen had gewild dat het nooit was uitgevonden, volgens onderzoek uit de V.S. Wat brengt een smartphonevrij leven je? En is zo’n leven in de toekomst nog wel mogelijk?
Sinds ze met slechts een Nokia-mobiel door het leven gaat, heeft ze veel meer tijd voor zichzelf en hobby’s. Lara Pelgrom (20) heeft al anderhalf jaar geen smartphone en wil beslist niet meer terug: “Een gevoel van urgentie dat eigenlijk nep is en er altijd was, ontbreekt nu.”
Lara is een digital native; iemand die is opgegroeid met de online-digitale wereld. Gedurende haar hele puberteit had ze een smartphone. Maar toen die telefoon op haar achttiende kapotging, kocht ze geen nieuwe.
Te vaak betrapte ze zichzelf erop dat ze urenlang op TikTok of Instagram zat. De apps openen was simpelweg een impuls. “Als ik nu moe thuiskom van school, verlies ik mezelf niet meer in drie uur op TikTok. Ik ga zitten, staar even voor me uit en pak dan een boek of ga iets anders doen”
Ze heeft eerder op minder ingrijpende manieren geprobeerd van deze gewoonte af te komen: door schermtijdlimieten of door verslavende sociale media-apps te verwijderen. Maar ze kwam niet van de gewoonte af. “Het is heel moeilijk om wel een smartphone te hebben en er af te blijven, omdat het zo verslavend is”, vertelt Lara.
[flourish id=22321903 type=visualisation]
Ze is niet de enige die er klaar mee is. Uit rapporten van marktonderzoeksbureau Newcom, blijkt dat Nederlanders dit jaar meer negatieve opvattingen hebben over het eigen schermgebruik dan vorig jaar.
Nederlandse jongeren tussen de 15 en 21 kijken ieder jaar meer op hun telefoon. Ze hebben in 2025 gemiddeld 5,4 uur schermtijd per dag, volgens onderzoeksbureau Marketingfacts.
Meer data
In de Verenigde Staten is onderzoek gedaan naar hoe jongvolwassenen zich voelen over hun schermgebruik. Bijna een derde van alle jongvolwassenen daar wil hun gebruik verminderen.
[flourish id=23464654 type=visualisation]
[flourish id=23710572 type=visualisation]
Dat is niet gek. Wie kijkt naar de redenen van diezelfde jongvolwassenen om sociale media te gebruiken, ziet dat ze dat uit gewoonte en verveling doen, maar ook uit verslavingspatronen.
Uit datzelfde onderzoek in de V.S., blijkt dat 83% van de jongeren tussen de 16-21 wel eens heeft geprobeerd hun schermtijd te limiteren. Bijna de helft (47%) van de jongvolwassenen tussen 18-21, was liever opgegroeid zonder sociale media. 21% van hen had zelfs gewild dat de smartphone nooit was uitgevonden.
Lara snapt dat sentiment wel. Ze was altijd een ‘slechte apper’ en ervaarde daar druk door. “Nu heb ik nooit meer het gevoel dat ik achterstallig onderhoud heb. Een gevoel van urgentie dat eigenlijk nep is en er altijd was, ontbreekt nu.”
Het brengt haar ook op geestelijk gebied veel: “Voor mij was op mijn telefoon gaan echt een manier om mezelf uit te zetten. Nu blijf ik meer in contact met mezelf, hoe het gaat en wat ik nodig heb. Als ik op mijn telefoon zit, sta ik minder in de wereld.”
Omdenken
Wanneer Lara vertelt over haar Nokia-leefstijl, krijgt ze zonder uitzondering verbaasde reacties. ‘Dat wil ik ook wel’, wordt steevast gevolgd door: ‘Maar hoe doe je dat dan?’. Zelf dacht Lara tot voor kort ook zo: “Ik weet nog dat ik naar mijn ouders uitsprak dat ik klaar was met mijn smartphone en ze zeiden: ‘Neem een klaptelefoon!’. Ik reageerde dan: ‘Nee, dat kan toch niet?’”
Volgens Lara is het echt niet zo moeilijk, als je het maar graag wil. QR-codes voor treinkaartjes of events print ze vooraf uit. Vrienden bereiken kan alsnog, in mindere mate, met haar Nokia-telefoon: “Als ik echt gesprek wil voeren dan bel ik gewoon, dat voelt toch meer als echt contact.”
Route-omschrijvingen zoekt ze vooraf aan haar reis via haar laptop op. Die onthoudt ze of schrijft ze op. Als ze in de buurt is, dan stapt ze simpelweg op iemand af: “De drempel om iemand iets te vragen, voel ik bijna niet meer. Vreemde mensen zijn bijna altijd bereid je te helpen.”
Voor techniekfilosoof en auteur Miriam Rasch is de weg vinden juist een reden om wel een smartphone te hebben. “Technologie heeft ons ook juist veel vrijheden en verworvenheden geboden die we daarvoor niet hadden. Maar zonder gaan, vraagt wel van je om aandacht te schenken, waardoor je de volgende keer de weg misschien wel uit je hoofd weet.”



Uitdagingen
Echt handig is het niet. Veel organisaties en instanties gaan ervan uit dat iedereen een smartphone heeft. Voor haar studie moest ze wachten op een fysiek alternatief van de tweefactor-authenticatie – een soort sluis waarbij de gebruiker, naast dat die een wachtwoord invoert, ook een code ontvangt op een app. Lara vroeg om een alternatief, een token aan haar sleutelbos waar de getalletjes nu op verschijnen. Ze moest daar vier maanden op wachten.
“Ik kon tot die tijd niet bij mijn schoolmail en dus geen cijfers inzien, me niet inschrijven voor tentamens, geen boeken lenen en in geen enkele online omgeving.” Daardoor heeft ze een tentamen moeten missen.
Ook bij banken is online bankieren zonder een mobiele telefoon moeilijk geworden. Wie het apparaat niet bij de hand heeft, krijgt bij ING een melding met: ‘Je hebt de app echt nodig’.
Betaling zonder smartphone – niet mogelijk
Betaling met smartphone
Lara had als alternatief nog een ‘scanner’ in de la liggen, maar banken verstrekken deze lang niet meer standaard. Rabobank, de laatste bank die dat wel deed, is daar vorig jaar mee gestopt. Wie er toch een wil ervaart veel nadelen: beveiligingsupdates worden soms niet meer ondersteund en het kost extra geld om het aan te vragen.
Rasch vindt dit soort technologische afhankelijkheid bij banken en universiteiten problematisch. “Het is best onethisch te noemen als je hele fundamentele dienstverlening afsluit, of inbreuk doet op de toegankelijkheid voor groepen die geen smartphone hebben, willen of niet kunnen veroorloven.”
Cees Zweistra, techniekfilosoof en jurist ziet dat er steeds minder offline alternatieven blijven bestaan. “Denk aan het krimpende fysieke winkelaanbod, en minder plekken waar we elkaar ontmoeten die worden overgenomen door sociale media.” Wel denkt hij dat we bijna op een kantelpunt zitten. “Steeds meer mensen willen digitaal-arm leven en dat vertaalt zich uiteindelijk naar de politiek. Maar nu zie je op allerlei manieren dat we juist nog de switch maken naar digitaal.”
Ondanks de toenemende verworvenheid ziet Lara geen reden om ooit weer een smartphone te kopen: “Ik denk dat zo leven steeds moeilijker gaat worden, maar ik blijf mezelf ertegen verzetten. Ik blijf een beroep doen op menselijkheid.” Want, benadrukt ze: “Ik mis het niet, echt niet.”
Dataverzameling
De data in de eerste visualisatie komt van Newcom, een Nederlands marktonderzoeksbureau. 6.437 respondenten deden aan het onderzoek mee. Deze steekproef vormt een representatieve afspiegeling van de Nederlandse bevolking van 15 jaar en ouder. Jaarlijks houden ze een jongerenonderzoek, en de vraag naar negatieve opvattingen is vorig jaar voor het eerst gesteld. Er is dus niet meer data beschikbaar van eerdere jaren.
De data gebruikt in de tweede en derde visualisaties is afkomstig van The Harris Poll, een groot marktonderzoeksbureau in de Verenigde Staten, in samenwerking met Jonathain Haidt, bestseller-auteur van ‘Generatie Angststoornis’, een boek dat in de V.S. veel stof deed opwaaien over het effect van smartphonegebruik. Een groep 1.006 jongvolwassenen, op gebied van gender en ethniciteit representatief voor de samenleving, tussen 18-27 jaar deden mee. In Nederland is er geen onderzoek gedaan naar dezelfde stellingen in deze leeftijdsgroep, alleen voor jongeren, niet jongvolwassenen.